Wereldmuseum toont dat surrealisme veel meer is dan een kunststroming
Surrealisme is veel meer dan een kunststroming. Het is een levenshouding. Vanuit die gedachte creëerde Wereldmuseum de tentoonstelling Leef Surrealisme, te zien in het Wereldmuseum vanaf 18 september. Aan de hand van 90 kunstwerken van 44 kunstenaars uit Afrika, Azië, het Caribisch gebied, Europa, Latijns-Amerika en Oceanië laat de tentoonstelling zien dat kunstenaars wereldwijd, los van elkaar, steeds opnieuw dezelfde artistieke houding ontwikkelen: de weigering de werkelijkheid te accepteren zoals die is.
De tentoonstelling Leef Surrealisme laat zien hoe kunstenaars reageren op oorlog, kolonialisme, onderdrukking en maatschappelijke verandering met beelden waarin droom, mythe, spiritualiteit en het onbewuste nieuwe werkelijkheden openen. Daarbij kijkt Wereldmuseum voorbij het Surrealisme als een Europese avant-gardebeweging die in het Parijs van de jaren twintig werd benoemd en afgebakend, naar de surrealistische houding. Een manier van kijken en maken die ook buiten deze beweging en buiten Europa bestond, en die kunstenaars in verschillende tijden en contexten op uiteenlopende manieren hebben beoefend.
Leef Surrealisme brengt bekende surrealisme-iconen als Yves Tanguy, Hans Arp en Wifredo Lam samen met kunstenaars die zelden binnen het verhaal van het surrealisme worden geplaatst, waaronder Julio Gálan, Tessa Mars, Renée Stout, Xul Solar en Sandra Vásquez de la Horra.
Door werk van deze kunstenaars samen te tonen, ontstaat een nieuw perspectief op het surrealisme. Niet geografische of historische verwantschap staat centraal, maar een gedeelde houding: het verlangen naar een werkelijkheid waarin het onzichtbare, het spirituele, het mythische en het onbewuste even werkelijk zijn als de zichtbare wereld. Daarmee verruimt de tentoonstelling het gangbare perspectief op het surrealisme en laat zij zien hoe de droom van een andere wereld vanuit verschillende plaatsen en tijden vorm krijgt. Het surrealisme dat hier zichtbaar wordt, bestaat uit vele praktijken en perspectieven die los van elkaar zijn ontstaan en elkaar raken.
Ook Rotterdamse kunstenaars
De buitenwereld waarin oorlog, kolonialisme, revolutie en politieke onderdrukking een onverdraaglijke werkelijkheid vormen, leidt vaker tot een tegenreactie bij kunstenaars. Zo verbeeldt Salvador Dalí de eindeloze verschrikkingen van oorlog, bekritiseert Heri Dono Indonesische machthebbers en onderzoeken Tessa Mars en Pascale Monnin hoe de Haïtiaanse Revolutie nog altijd doorwerkt in het heden. De kunstenaars laten zien hoe geweld en maatschappelijke druk het innerlijk binnendringen en daar nieuwe beelden voortbrengen. Steeds opnieuw blijkt verbeelding geen ontsnapping aan de werkelijkheid, maar een manier om haar scherper zichtbaar te maken.
Via deze buitenwereld voert de tentoonstelling bezoekers naar de binnenwereld, langs dromen, archetypen, rituelen en het collectieve onbewuste. Werk van onder andere Peter Birkhäuser, Xul Solar, Murni, Renée Stout, Trevor Nickolls en tal van Rotterdamse kunstenaars zoals Arie van Geest, Olphaert den Otter, Ewoud van Rijn en Juul Kraijer laten zien hoe kunstenaars uit uiteenlopende culturen zich via dromen, herinneringen, fantasie en verbeelding toegang verschaffen tot verborgen kennis en andere manieren van kijken.
Caleidoscopische ervaring
In het slot van de tentoonstelling komen spiritualiteit en het occulte volledig op de voorgrond te staan. Denk aan Afro-Cubaanse religies, vodou, West-Afrikaanse tradities en Amazone kosmologie. Duidelijk wordt dat surrealisme wereldwijd en steeds opnieuw verschijnt wanneer mensen de zichtbare werkelijkheid niet als de enige mogelijke accepteren.
De interactieve installatie Trionfi van Cypher Studio maakt de bezoeker zelf onderdeel van het surrealistische proces: door irrationele associaties en archetypische beelden ontstaat voor iedere bezoeker een uniek zelfportret en een nieuwe, persoonlijke wereld.
Ook het tentoonstellingsontwerp breekt met een gevestigde idee van de museumzaal als white cube. Bezoekers worden bewust gemaakt van en bevrijd van de museale regels. Het ontwerp wordt steeds vrijer, tot bezoekers in de slotruimte zelfs een caleidoscopische ervaring hebben door de herschikking van wanden, vloeren en plafond. Nieuwe manieren van kijken worden zo aangemoedigd.
Caribisch topstuk aangekocht
In aanloop naar de tentoonstelling kocht het Wereldmuseum het schilderij Sleepwalkers (2009-2017) van de Jamaicaanse kunstenaar Roberta Stoddart aan. Net als de verschuivende ruimtes in de tentoonstelling, ontregelt Stoddart het ogenschijnlijk harmonieuze groepsportret en legt
de verborgen machtsverhoudingen bloot.
Roberta Stoddart is een vooraanstaande hedendaagse kunstenaars uit Jamaica en de Cariben, bekend om haar gelaagde portretten en verontrustende landschappen die de doorwerking van kolonialisme, etniciteit, gender en klasse in het dagelijks leven onderzoeken. Haar werk, dat internationaal wordt tentoongesteld en bekroond, roept vragen op over identiteit en marginalisering.
In Sleepwalkers grijpt Stoddart terug op het 17e- en 18e-eeuwse genre van het conversatiestuk: ogenschijnlijk informele groepsportretten in harmonieuze setting, die in werkelijkheid koloniale machtsverhoudingen normaliseerden. Door deze beeldtaal toe te passen op een nachtelijke huwelijksvoltrekking, waarbij elk figuur een symbolische betekenis draagt, ontmantelt Stoddart de machtsverhoudingen die achter het portret schuilgaan. In een nachtelijk, zwoel, Caribisch landschap vol Spaans mos is een huwelijksvoltrekking. Figuren uit verleden en heden lijken samen te komen in een bevroren moment.